Behandelmethoden
Er zijn verschillende behandelmethoden bij prostaatkanker. Uw arts bespreekt deze met u. Welke behandeling voor u geschikt is, hangt af van verschillende factoren, zoals:
- de kenmerken en agressiviteit van de tumor;
- het tempo waarin de tumor zich ontwikkelt;
- uw verdere gezondheid en leeftijd;
- uw wensen en de verwachte levenskwaliteit na de behandeling.
Hieronder leggen we de verschillende mogelijkheden uit.
Sommige vormen van prostaatkanker groeien maar heel langzaam en hoeven niet direct behandeld te worden. Dat klinkt misschien gek. Maar we houden u dan scherp in de gaten door regelmatige controles. Dit noemen we 'actief volgen', in het Engels 'active surveillance'. Hierdoor kunnen we een operatie (met mogelijke bijwerkingen) uitstellen en soms zelfs voorkomen.
Soms is een operatie onvermijdelijk. Tijdens de operatie verwijdert de chirurg de hele prostaat.
De operatie vindt plaats in de Anser operatiekliniek van het Maasstad Ziekenhuis. Daar staat een speciale robot waarmee de chirurg de operatie uitvoert: de Da Vinci robot. Hiermee kan via een kijkoperatie én nauwkeuriger gewerkt worden. Na de operatie is er een kleine kans op urineverlies (incontinentie). Dit is vaak goed te behandelen met bekkenfysiotherapie. Ook is er na de operatie een grote kans (50 tot 60%) dat u geen goede spontane erecties meer kunt krijgen. Zie ook Resultaten.
Neurosafe procedure
Het kan zijn dat tijdens de operatie de Neurosafe procedure wordt verricht. Hierbij onderzoekt een patholoog (medisch specialist) weefsel tijdens de ingreep op of er veilig extra zenuwsparend geopereerd kan worden. Daaruit blijkt of de zenuwbanen in uw prostaat wel of niet extra veel gespaard kunnen blijven.
Zit er veel kankerweefsel in de prostaat? Dan kan de chirurg soms niet extra zenuwsparend werken om zo wel alle kankercellen te kunnen verwijderen. Hoe meer zenuwweefsel gespaard wordt, hoe groter de kans dat erecties herstellen.
Is het kankerweefsel klein en zit het op een gunstige plaats in de prostaat? Dan kan extra veel zenuwweefsel gespaard worden. De kans op erectieproblemen is dan kleiner.
Lees meer over het verwijderen van de prostaat in onze informatiefolder Verwijderen van de prostaat.
Uitwendige bestraling
Soms is het mogelijk om de prostaat te bestralen in plaats van operatief te verwijderen. De hele prostaat wordt van buitenaf bestraald. De behandeling bestaat meestal uit ten minste 7 tot 20 bestralingen.
Bestraling kan bijwerkingen geven, zoals irritatie van de blaas en de darm. Deze organen kunnen namelijk ook last hebben van de bestraling. Door de irritatie van de blaas en darm kunt u plasdrang krijgen en drang tot ontlasting, of soms zelfs verlies van een beetje ontlasting. Ook kunt u last krijgen van bloedverlies bij de ontlasting. Bij bestraling is er de eerste jaren minder kans op (blijvende) erectieproblemen.
Inwendige bestraling
Bij inwendige bestraling (brachytherapie) plaatst uw radiotherapeut radioactief materiaal in uw prostaat. Dit materiaal geeft straling af. Bestraling vindt dus van binnenuit plaats. Het inbrengen van het radioactief materiaal gebeurt onder verdoving, meestal via een ruggenprik. Inwendige bestraling kan alleen gegeven worden als de tumor in uw prostaat en de prostaat zelf niet te groot zijn. Deze behandeling heeft als doel genezing bereiken (curatieve behandeling). Deze vorm van inwendige bestraling wordt gegeven bij minder agressieve vormen van prostaatkanker.
Een andere manier van inwendig bestralen, is met jodiumzaadjes (radioactieve korrels) in uw prostaat. Het plaatsen hiervan kan tijdens een dagopname, maar de kans bestaat dat u mogelijk 2 dagen wordt opgenomen om te controleren of de jodiumzaadjes echt goed zitten. De hoeveelheid radioactiviteit die u met zich meedraagt, is niet gevaarlijk voor uw naaste omgeving. Wel moet u rekening houden bij contact met zwangere vrouwen en kinderen. De sterkte van de straling neemt geleidelijk af. Na ongeveer 6 maanden is de straling geheel verdwenen. De zaadjes worden niet weggehaald, maar blijven de rest van uw leven in de prostaat zitten. Dit kan geen kwaad.
Deze behandeling met medicijnen wordt op termijn gegeven als een operatie of bestraling een te grote belasting is, of als de prostaatkanker al is uitgezaaid.
Bij hormoontherapie krijgt u eens in de 3 of 6 maanden een injectie in de buik of u krijgt dagelijkse tabletten. Het medicijn zorgt ervoor dat het mannelijk hormoon (testosteron) niet meer actief is, waardoor de groei van de prostaatkanker wordt gestopt of afgeremd.
Helaas heeft ook deze behandeling bijwerkingen. Deze bestaan voornamelijk uit opvliegers (ineens heel warm krijgen), gevoeligheid en lichte groei van het borstweefsel en afwezigheid van erecties. Fysieke bijwerkingen zoals vermoeidheid en gewichtstoename, kunnen ook voorkomen. Maar deze kunnen vaak verminderd worden door te bewegen, met het NEXT-programma bijvoorbeeld.




